DE GEEST VAN EENHEID

Paus Johannes Paulus II herstelde de ‘Congregatie voor de Geloofsleer’ een nieuwe naam voor de organisatie van de inquisitie, met aan het hoofd de Duitse kardinaal Jozeph Ratzinger. De paus heeft strenge disciplinaire mensen in dienst genomen en deelde mee dat hij geen democratie leidde: ‘Het is een instituut geregeerd door Jezus Christus, een theocratie’, natuurlijk bestuurd door Zijn plaatsvervanger, de paus. In zijn encycliek ‘A Refinement of Evil’, wordt de katholieke leer sterk bekrachtigd. Niettemin zegt hij dat hij er op vertrouwt dat de oecumenische beweging er in zal slagen om de kerken weer met elkaar te verenigen. Paus Johannes Paulus II schrijft in zijn boek Over de Drempel van de Hoop:

Paus Johannes XXIII, die door God werd aangesteld om het Concilie bijeen te roepen zei vaak: “Dat wat ons als gelovigen in Christus scheidt is veel minder dan wat ons verbindt”. In deze uitdrukking ontdekken wij het hart van het oecumenisch denken… Rond het jaar 2000 moeten wij meer verenigd zijn, en meer bereid om door te gaan op het pad naar eenheid waar Christus voor bad kort voor zijn kruisdood. Deze eenheid is zeer kostbaar. In zekere zin hangt de toekomst van de wereld er vanaf. Blz. 146,151.

Vaticanum II benadrukte het belang van de zondagse bijeenkomst in de katholieke kerk en overal in de wereld. Documenten van Vaticanum II vermelden:

Bovendien moet iedere poging om de zondag een dag van vreugde en rust van werk te maken worden aangemoedigd… vier de eucharistie iedere zondag. Vanaf het begin van hun christelijke vorming, zou de zondag moeten worden aangeboden als de oorspronkelijke feestdag, waarop zij bijeen vergaderd het woord van God horen en deelnemen aan het “Mysterie van Pasen”.

Behalve dat de zondag de eerste dag van de week is, kan geen enkele Bijbelgetrouwe christen deelnemen aan de mis of aan het mysterie van Pasen, daar zij van heidense oorsprong zijn. Bovendien staat de katholieke opvatting van de zondag lijnrecht tegenover die van de protestantse gedachte over aanbidding, aangezien het een dag is die op traditie is gefundeerd, ‘de dag van de zon’, en gewijd aan de verering van Maria, zoals duidelijk door paus Johannes Paulus II zelf aangegeven wordt in zijn encycliek Dies Domini:

DIES DIERUM: Zondag, het oorspronkelijke feest, dat de betekenis van de tijd duidelijk maakt… De geestelijke en pastorale rijkdom van de zondag, tot ons gekomen door traditie is werkelijk groot… Het is belangrijk, dat de catechismus van de katholieke kerk leert dat zondagsviering van de dag van de Heer en de eucharistie het centrum is van het kerkelijk leven… Wanneer zij luisteren naar het woord dat verkondigd wordt tijdens de zondagsbijeenkomst, en gelovigen opzien naar de maagd Maria, leren zij van haar om het woord te bewaren en het in hun hart te overdenken (Lucas 2:19). Evenals Maria leren zij om aan de voet van het kruis te staan, en de Vader het offer van Christus aan te bieden en het te verbinden met het offer van hun eigen leven. Net als Maria ervaren zij de vreugde van de opstanding en maken zij zich de woorden eigen van het Magnificat (=lofzang van Maria), waarmee de oneindige gave van Gods genade in deze meedogenloze tijd verheerlijkt wordt. Zijn genade is van eeuwigheid tot eeuwigheid op degene die Hem vrezen (Lucas 1:50). Van zondag tot zondag volgt het pelgrimsvolk de voetstappen van Maria, en haar moederlijke voorspraak geeft speciale kracht en vuur aan het gebed dat van de kerk opstijgt naar de Heilige Drie-eenheid.

Hoe ver staat dit af van de eenvoud van Christus. En toch lijkt het protestantisme zich niet bewust van het compromis van hun geloof waar zij mee te maken krijgen als zij de pauselijke autoriteit en de eenheid van de kerken en religies onder zijn leiderschap aanvaarden.

HOE VER ZIJN DE PROTESTANTSE KERKEN GEGAAN OP HET PAD VAN DEZE EENHEID?

 

(bron: De Waarheid Telt W.J.Veith)