Pauselijke onfeilbaarheid

Pauselijke onfeilbaarheid en absolute autoriteit is een andere zaak waar de hervormers vraagtekens bij zetten. Pater Bonaventure Hinwood, sprekend voor de katholieke kerk, bevestigt dit leerstuk als volgt:

Het is duidelijk dat de Kerk geen fouten kan maken als zij deze dienst uitvoert naar de Goddelijke openbaring. Maar als de paus het middelpunt en de garantie is van deze eenheid, en als hij volledige autoriteit heeft inzake moraal en geloof, dan volgt daaruit ook dat hij de kerk niet in fouten kan leiden inzake Goddelijke openbaring … Er is slechts één lichaam dat de hoogste apostolische autoriteit draagt in de kerk, en dat is het college van bisschoppen samen met zijn hoofd, de paus. Dus als de paus zijn volledige bevoegdheid gebruikt als zichtbaar hoofd van de kerk, dan handelt hij als apostolisch hoofd van het college. Daarom benadrukte Vaticanum I dat als de paus zijn hoogste leerbevoegdheid gebruikt, hij beschermd is tegen fouten door dezelfde onfeilbaarheid die Christus heeft gewild voor zijn kerk. De kardinalen kiezen de nieuwe paus. Nadat de nieuwe paus zijn ambt accepteert, ontvangt hij direct van Christus al de kracht die nodig is om de pauselijke dienst uit te voeren. Dit is inclusief het charisma van onfeilbaarheid.

Dat is hetzelfde als de paus God maken, en dat wordt bevestigd door een uitspraak die de pausen hebben gedaan, en als je onfeilbaar bent kun je ook niet herroepen. Paus Bonifatius VIII zegt in zijn bull Unam sanctam:

De roomse pontifex oordeelt alle mensen, maar wordt door niemand geoordeeld. Wij verklaren, benadrukken, verduidelijken en verkondigen: onderdanig zijn aan de roomse pontif is voor ieder schepsel noodzakelijk voor verlossing … hetgeen van Christus werd gezegd “Gij hebt alle dingen onder zijn voeten gelegd” mag ook in waarheid van mij gezegd worden … Ik heb de autoriteit van de koning der koningen. Ik ben alles en boven alles zodat God zelf en ik, de plaatsvervanger van God, een eenheid vormen, en ik kan alles doen wat God kan doen. Wat kan men daarom anders van mij zeggen dan dat ik God ben.

Uitspraken als deze herinneren ons aan de Bijbelse waarschuwing:

“Laat niemand u misleiden, op welke wijze ook, want eerst moet de afval komen en de mens der wetteloosheid zich openbaren, de zoon des verderfs, de tegenstander, die zich verheft tegen al wat God of voorwerp van verering heet, zodat hij zich in de tempel Gods zet, om aan zich te laten zien, dat hij een god is.”                                     2 Thessalonicenzen 2:3,4

Ondanks deze waarschuwing drinken toch veel mensen van de wijn van Babylon.

De valse leerstellingen van Rome zijn doorgedrongen tot in de religieuze systemen overal ter wereld en de protestantse kerken lopen vaak voorop om niet alleen deze leerstellingen te accepteren maar ze ook in hun eigen predikanten-opleidingen en kerken te onderwijzen.

Vrijwel de hele christelijke wereld heeft bijvoorbeeld óf het preterisme aangenomen, de leer dat de antichrist al gekomen is, óf het futurisme, de leer dat de antichrist nog moet komen.

De leer van de onsterfelijkheid van de ziel is één van de meest misleidende leerstellingen die door Rome zijn bedacht.

Deze leer heeft de deur opengezet voor het binnenlaten van valse leerstellingen in de kerk, en heeft ruimte gemaakt voor het spiritisme en valse manifestaties waardoor de inwoners van de wereld in de laatste dagen verleid zullen worden.

Door deze leerstukken te accepteren, of door een compromis te willen sluiten, en erger nog, de pauselijke heerschappij te erkennen, is het protestantisme gevallen en een deel van Babylon geworden. Er was een tijd dat het protestantisme de moed had om te zeggen dat de kleine horen van Daniël 7 het pausdom was, de antichrist. Zij beitelden het zelfs in steen boven de deuren van het stadhuis in Nürnberg, maar…

 nu zwijgen zij stil!

 

(bron: De Waarheid Telt W.J.Veith)