De heidense zondag-aanbidding, zoals zij zelf toegeven, werd vanuit het heidendom geïntroduceerd, en dit wordt bevestigd door de definitie uit een standaard encyclopedie.

De kerk nam de heidense filosofie en maakte het tot schild van geloof tegen de heidenen. Zij nam de heidense zondag en maakte daarvan de christelijke zondag. Er is werkelijk iets koninklijks aan de zon, en dat maakt het een passend symbool van Jezus, de Zon der Gerechtigheid. Daarom lijkt het erop dat de kerk in die landen gezegd heeft, ‘houdt de oude heidense naam, het zal geheiligd en gezegend blijven’. En zo werd de heidense zondag gewijd aan Balder, de christelijke zondag gewijd aan Jezus.

Zondag – zo genoemd omdat de dag in vroeger tijden gewijd was aan de zon, of zijn aanbidding. De eerste dag van de week.

Heidense priesters waren celibatair, getonsueerd (=de kruin van het hoofd scheren) en ontvingen de macht om te offeren voor de levenden en de doden. Dezelfde macht wordt aan de katholieke priesters gegeven. Als celibatair (=zonder trouwen en zonder sex) priester zijn zij gewijd aan de moedergodin of Maria de mediatrix. In 1858 verklaarde de paus Maria onbevlekt ontvangen, en in 1951 verklaarde hij dat ze ten hemel gevaren was, waar ze gekroond werd als koningin van de hemel.

Sinds 1951 is dus het complete Babylonische systeem van aanbidding, met Maria in de rol van middelares, ingevoerd in het katholicisme. De godin werd in de oude godsdiensten gezien als de leven-geefster en voedster en als zodanig geëerd, deze religie was doortrokken met seksuele aspecten. De borsten van de godin vormden een prominent deel van de cultus van deze godin, godinnen werden vaak afgebeeld met veel borsten om de wereld te voeden. Zelfs de zonnegod zien wij zich voeden aan haar borst, of werd in de vorm van een slang afgebeeld, zich voedende aan de borst van de godin.

In Bethlehem in Israël bevindt zich de beroemde ‘melkgrot’, waarvan de katholieke traditie beweert dat Maria melk uit haar borst morste, terwijl de de baby Jezus voedde. Deze melk spoot, zo veronderstelt men, op de muren van de grot en vormde witte plekken die vandaag de dag worden vereerd als een pelgrimsplaats voor genezing en vruchtbaarheid. Dezelfde cultus-aanbidding wordt heden gepraktiseerd onder een andere vorm. Fallus-symbolen, zowel als symbolen van vrouwelijkheid en heilige seks, waren gebruikelijk in oude tempels (net zoals in moderne tempels, in het bijzonder in India), en komen net zoveel voor in rooms katholieke kathedralen.

Bijna alle symbolen van zonaanbidding zijn aanwezig in hedendaagse rooms katholieke kathedralen. De Sint-Pieter in Rome heeft een van de grootste collecties van heidense symbolen ter wereld. Het hoofdaltaar in de Sint Pieter (de baldekijn van Bernini) heeft de symbolen van de slang, zon en maan aanbidding, mannelijke en vrouwelijke vormen van zonnestralen en heeft een afbeelding van paus Joane (de enige vrouwelijke paus in de geschiedenis) in barensnood wat de geboorte van de zonnegod voorstelt.

Een ander symbool van zonaanbidding dat we in het katholicisme vinden is het zonnewiel dat teruggaat tot de Chaldeeën, en dat wij tegenwoordig op bijna alle kathedralen vinden. Het plein voor de Sint Pieter in Rome bestaat uit het grootste zonnewiel ter wereld. Het plein is in een cirkel en het wiel heeft acht spaken. Verder zien we op het Sint Pietersplein een wiel in een wiel, wat een imitatie is van de mobiele troon van God, zoals beschreven wordt door de profeet Ezechiël.  In die hoedanigheid staat het voor de troon van de draak die het beest zijn zetel en grote macht geeft.

Midden op het plein staat een obelisk, al weer een fallussymbool gewijd aan de aanbidding van de zon.

Het Vaticaan is gebouwd op de heuvel waar de tempel voor Janus de zonnegod stond. Naast de Sint Jan van Lateranen, dat is de kerk waar de paus gekroond wordt en waar hij onfeilbaar spreekt, bevindt zich de obelisk van Thoetmosis III, die gewijd was aan Reharakti, de zonnegod.

Morgen verder met de Heidense feesten en tradities.

(bron: De Waarheid Telt W.J. Veith)