Heeft u zichzelf ooit afgevraagd wat er met de zonden van de mensen gebeurde vóórdat de Zoon van God gekruisigd werd op Golgotha?

Verlossing is de essentie van het kruis van Christus. Onze zonden zijn vergeven door het offer van Christus op Golgatha. Maar hoe werden de zonden vergeven in de tijd van het Oude Testament? Was hun verlossing gebaseerd op een ander systeem, omdat zij onder de wet waren en wij onder de genade? Dit is wat de dispensationalisten geloven, maar, zoals wij al gezien hebben, iedereen moet de wet van God houden. Daarom moet verlossing van degenen die voor Christus leefden ook door genade verkregen zijn. Eigenlijk is er altijd al genade geweest.

“Maar Noach vond genade in de ogen des Heren.”  Genesis 6:8

In 2 Petrus 2:5 wordt Noach een prediker der gerechtigheid genoemd, en gerechtigheid wordt verkregen door geloof in Jezus Christus. Het Nieuwe Testament maakt heel duidelijk dat alle verlossing door Jezus Christus is. Daarom is Christus óók de Verlosser van degenen die vóór de kruisiging leefden, en de dood van de beloofde Messias werd uitgebeeld in de offerdienst van het Oude Testament.

Het evangelie werd zo uitgebeeld in de vorm van typologie, een voorstelling door typen en schaduwen van het verlossingsplan. Het offerlam in het joodse systeem stelde het Lam van God voor, dat de zonden van de wereld wegneemt. Het wees op de belofte van de komende Messias die het oordeel over onze zonden door Zijn offer zou opheffen en de berouwvolle zondaar het eeuwige leven zou geven, in Hem en door Hem. De onschuldige die de prijs voor de schuldige betaalt wordt voorafgeschaduwd door de offerdienst in het joodse heiligdom. Het bloed vergoten door het lam wijst op het bloed van Christus dat vergoten zou worden. Paulus schrijft:

“Zonder bloedstorting geschiedt er geen vergeving.”  Hebreeën 9:22

De Bijbel leert de verlossing door Christus vanaf de tijd van de zondeval tot de wederkomst van Christus. Adam en Eva werden behouden door het bloed van het lam. Toen het heilige paar door de zonde hun klederen van gerechtigheid verloor en hen naakt achterliet, bedekte God Zelf hun naaktheid met huiden, die het kleed van gerechtigheid voorstelden, dat door iedere zondaar van Christus verkregen kan worden.

Waar kwamen die huiden vandaan? Zij moeten van de eerste offerdieren zijn gekomen, die gedood werden om het lam Gods voor te stellen dat voor hen geslacht zou worden. Daar God Zelf hen met deze huiden bekleedde, die de belofte van herstelde gerechtigheid voorstelden, moet Hij hen deze weg van verlossing uitgelegd hebben – de Messias die zou komen om de prijs voor de zonde te betalen zodat zij het eeuwige leven konden terugkrijgen.

“En de Here God maakte voor Adam en zijn vrouw klederen van vellen en bekleedde hen daarmede.”  Genesis 3:21

Het verschil tussen vertrouwen op onze eigen werken voor onze verlossing en vertrouwen op de verdiensten van de Messias die zou komen wordt aangetoond in het verhaal van Kaïn en Abel. Beiden bouwden een offeraltaar. Kaïn bracht een offer enkel van landbouwproducten, de opbrengst van zijn werk. God keurde dit af omdat Kaïn door slechts dit offer te brengen, bewees dat hij voor zijn verlossing alleen op zijn eigen werk vertrouwde en niet op het voorgeschreven offer van het lam. Echter, “zonder bloedstorting is er geen vergeving.” en verlossing ligt buiten onszelf in Christus. Het offer van Abel daarentegen bevatte wel het bloedoffer.

“Ook Abel bracht er een van de eerstelingen van zijn schapen, van hun vet; en de Here sloeg acht op Abel en zijn offer.”  Genesis 4:4

Het offer van Abel werd aangenomen omdat zijn gaven wezen op de komende Verlosser. Abel begreep dus dat verlossing slechts verkregen kon worden door geloof in het bloed van het Lam en zijn getuigenis bestaat nog steeds.

“Door het geloof heeft Abel Gode een beter offer gebracht dan Kaïn; hierdoor werd van hem getuigd, dat hij rechtvaardig was, daar God getuigenis gaf aan zijn gaven en hierdoor spreekt hij nog, nadat hij gestorven is.” Hebreeën 11:4

Abraham slachtte het offerlam, en zo deden ook al de patriarchen. Door de hele geschiedenis heen was er maar één weg tot verlossing: het bloed van het lam en niet de werken. Toen Abraham opdracht kreeg om zijn zoon Isaäk te offeren, was dat een uitbeelding van het verlossingsplan, een miniatuurvoorstelling voor de wereld om Gods methode van handelen met de zonde te laten zien. Op het moment dat Isaäk geofferd zou worden, zorgde God Zelf voor het offerdier. Hiermee beloofde God dat Hij Zijn eigen Zoon zou geven, net zoals Abraham bereid was zijn eigen zoon te geven.