De leer van de ‘onsterfelijke ziel’ is in de Bijbel NIET(!) te vinden.

In de Bijbel wordt het woord onsterfelijk maar één keer gebruikt. Het woord onsterfelijkheid wordt vijf keer gebruikt. Geen enkele keer wordt één van deze woorden gebruikt om een onderdeel van de mens te beschrijven, wat altijd blijft leven. Hier volgt een lijst van deze verzen.

“De Koning nu der eeuwen, de onvergankelijke (KJV: onsterfelijke), de niet zichtbare, de alleen wijze God, zij eer en heerlijkheid in alle eeuwigheid. Amen.” 1 Timotheüs 1:17

“Die ieder vergelden zal naar zijn werken, namelijk hun die met volharding het goede doen en daarin heerlijkheid, eer en onvergankelijkheid (KJV: onsterfelijkheid) zoeken: het eeuwige leven.” Romeinen 2:6,7

“Want dit vergankelijke moet zich met onvergankelijkheid bekleden en dit sterfelijke moet zich met onsterfelijkheid bekleden.” 1 Korinthe 15:53

“En wanneer dit vergankelijke zich met onvergankelijkheid bekleed zal hebben en dit sterfelijke zich met onsterfelijkheid bekleed zal hebben, dan zal het woord geschieden dat geschreven staat: De dood is verslonden tot overwinning.” 1 Korinthe 15:54

“Hem Die als enige onsterfelijkheid bezit en een ontoegankelijk licht bewoont, Hem heeft geen mens gezien en niemand kan Hem ook zien. Hem zij eer en eeuwige kracht. Amen.” 1 Timotheüs 6:16

“Maar nu is geopenbaard door de verschijning van onze Zaligmaker Jezus Christus. Hij heeft de dood tenietgedaan en het leven en de onvergankelijkheid (KJV: onsterfelijkheid) aan het licht gebracht door het Evangelie.” 2 Timotheüs 1:10

Al deze teksten, die verwijzen naar onvergankelijkheid/onsterfelijkheid, zijn óf omschrijvingen voor God, óf ze beschrijven een geschenk van God aan de mens. Onsterfelijkheid is geen eigenschap, die de mens uit zichzelf heeft.

 

(bron:er staat geschreven)