Wist u dat … ? Kunnen de doden met ons praten?

Voor iedere volgeling van Christus is het dienstwerk van heilige engelen een troostrijke en kostbare waarheid. Maar voor dwalingen van de populaire theologie is deze Bijbelse waarheid verduisterd en verdraaid.

De waarheid is ondergraven door de leer, dat de mens van nature onsterfelijk is. Deze leer stamt uit de heidense filosofie, en is in de tijd van de grote afval binnen het Christendom geïntegreerd. De Bijbel leert duidelijk:

“De doden weten helemaal niets.” Prediker 9:5

Massa’s mensen zijn gaan geloven, dat het geesten van doden zijn – deze ‘dienende geesten, die uitgezonden worden om hen te dienen, die de zaligheid zullen beërven?’ Hebreeën 1:14. En dit ondanks het feit, dat de Bijbel getuigt van het bestaan van hemelse engelen, die zich verbinden met de geschiedenis van de mens, vóórdat iemand gestorven is.

De leer, dat de mens na zijn dood bewustzijn heeft – en vooral het geloof, dat geesten van doden terugkeren om de levenden te dienen – heeft de weg bereid voor het moderne Spiritisme.

Dit Spiritisme leert het volgende: Stel, dat doden in aanwezigheid van God en hemelse engelen zouden worden toegelaten. En ze zouden daar bevoorrecht worden met kennis, die ver uitgaat boven wat ze daarvoor wisten. Waarom zouden ze dan niet naar de aarde kunnen terugkeren om de levenden te verlichten en te onderwijzen? Als het waar is, zoals populaire theologen leren, dat geesten van doden rond hun vrienden op aarde zweven, waarom zou hun dan niet worden toegestaan om met hen in contact te treden? Ze kunnen hen toch tegen het kwade waarschuwen, of hen troosten in verdriet?

Mensen die geloven in een bewustzijn na de dood, kunnen moeilijk weerstand bieden aan wat op hen overkomt als zogenaamd goddelijk licht, doorgegeven door verheerlijkte geesten. Zij beschouwen iets als heilig, wat door de satan als kanaal gebruikt wordt om zijn doeleinden te bereiken. De gevallen engelen, die onder zijn bevel staan, verschijnen als boodschappers uit de geesteswereld. Deze beweren, dat ze de levenden in contact brengen met de doden. Maar zo oefent de vorst van de duisternis zijn betoverende invloed uit op hun gedachten.

“Misleidende geesten en leringen van demonen.”

Hij weet mensen de verschijning van hun overleden vrienden voor ogen te toveren. De namaak is perfect. De bekende blik in de ogen, de woorden, de klank van de stem: het wordt allemaal met een wonderlijke nauwkeurigheid nagebootst. Veel mensen worden getroost door de verzekering, dat hun geliefden genieten van de gelukzaligheid in de hemel. En zonder argwaan, en zonder zich van het gevaar bewust te zijn, geven zij zich over aan “misleidende geesten en leringen van demonen.” 1 Timotheüs 4:1

Wanneer ze eenmaal zover zijn, dat ze werkelijk geloven, dat doden terugkeren om met hen te spreken – dan laat de satan bij voorkeur mensen verschijnen, die onvoorbereid in het graf zijn neergedaald. Ze beweren, dat ze in de hemel gelukkig zijn en daar zelfs hoge posities bekleden. En zo wordt de dwaling wijd verspreid, dat er geen onderscheid is tussen rechtvaardigen en goddelozen. De zogenaamde bezoekers uit de geesteswereld geven soms waarschuwingen en voorspellingen die juist blijken te zijn. Maar dan, wanneer vertrouwen is gewonnen, presenteren ze leerstellingen, die het geloof in de Bijbel direct ondermijnen. Het lijkt alsof ze diep geïnteresseerd zijn in het welzijn van hun vrienden op aarde, maar ze zetten aan tot de meest gevaarlijke dwalingen.

Ze vertellen een aantal dingen die waar blijken te zijn. En op sommige momenten zijn ze in staat de toekomst te voorspellen. Daardoor krijgen hun uitspraken een schijn van betrouwbaarheid. En de massa neemt hun valse leer even gemakkelijk aan, en geloven er even onvoorwaardelijk in, alsof het de meest heilige waarheden uit de Bijbel zijn.

Gods wet wordt opzij gezet, de Geest van de genade veracht, en het bloed van het Verbond wordt voor onheilig gehouden. De geesten ontkennen dat Christus God is, en plaatsen zelfs de Schepper op gelijk niveau met zichzelf.

De grote opstandeling voert onder een andere vermomming nog steeds oorlog tegen God. Hij is die strijd in de hemel begonnen, en zet die al bijna zesduizend jaar lang op aarde voort.