Wist je dat…? De voorhof van de aardse tabernakel

De voorhof stelt de aarde voor. Hier stierf Christus voor de zonden van de wereld. Als we door de deur naar binnenkomen-dat is door Christus, die de deur is naar verlossing- staan we direct voor het brandofferaltaar waarop het offerlam geslacht werd, wat Golgotha voorstelt. De pilaren in het heiligdom staan voor de verlosten.

“Omdat u het woord van Mijn volharding hebt bewaard, zal Ik ook u bewaren voor het uur van de verzoeking, die over heel de wereld komen zal, om hen die op de aarde wonen te verzoeken.” Openbaring 3:10

En de zilveren voetstukken waren gegoten van het verzoeningsgeld (een halve shekel) en was hetzelfde voor rijken en armen.

“Verder sprak de HEERE tot Mozes: Wanneer u het aantal Israëlieten opneemt, volgens hun tellingen, dan moet ieder bij hun telling aan de HEERE een losgeld geven voor zijn leven, opdat er bij hun telling geen plaag over hen komt. Dit moeten allen die bij de getelden gaan behoren, geven: een halve sikkel, gerekend volgens de sikkel van het heiligdom (de sikkel is twintig gera waard), een halve sikkel als een hefoffer voor de HEERE. Al wie bij de getelden gaat behoren, van twintig jaar oud en daarboven, moet het hefoffer voor de HEERE geven. De rijke mag niet meer en de arme niet minder geven dan een halve sikkel, als u het hefoffer voor de HEERE geeft om voor uw leven verzoening te doen. U moet het geld ter verzoening van de Israëlieten nemen en het bestemmen voor de dienst van de tent van ontmoeting. Het moet een herinnering voor de Israëlieten zijn voor het aangezicht van de HEERE, om voor uw leven verzoening te doen.”
Exodus 30:11-16

In Matteüs 17:24-27 lezen we dat Christus deze tempelbelasting ook voor Petrus betaalde, een symbool dat Hij de prijs voor ons betaald heeft.

“Toen zij Kapernaüm binnengekomen waren, gingen zij die de twee drachmen inden, naar Petrus toe en zeiden: Betaalt uw Meester de twee drachmen niet? Hij zei: Jawel. En toen hij in huis gekomen was, was Jezus hem voor en zei: Wat denkt u, Simon? De koningen van de aarde, van wie ontvangen zij tol of belasting, van hun zonen of van vreemden?
Petrus zei tegen Hem: Van vreemden. Jezus zei tegen hem: Dan zijn de zonen dus vrijgesteld. Maar om hun geen aanstoot te geven: ga naar de zee, werp een vishaak uit, en pak de eerste vis die bovenkomt. Doe zijn bek open en u zult een stater vinden. Neem die en geef hem aan hen voor Mij en voor u.” Matteüs 17:24-27

Het witte linnen dat de voorhof omringde stelt de gerechtigheid van Christus voor, die ons bedekt als we door de deur binnengaan om door Hem gerechtvaardigd te worden.

De volgende keer gaan we verder met het brandofferaltaar.