Haar tegenpartij treiterde haar telkens weer om haar kwaad te maken, omdat de HEERE haar baarmoeder toegesloten had.
En zo ging het jaar op jaar. Zo dikwijls als zij naar het huis van de HEERE ging, treiterde zij haar zo; dan huilde zij en at niet.
Elkana, haar man, zei dan tegen haar: Hanna, waarom huil je, waarom eet je niet, en waarom is je hart verdrietig? Ben ik je niet meer waard dan tien zonen?

Satans poging om Hanna te vernietigen

Dit toneel werd telkens weer herhaald, niet alleen bij de jaarlijkse bijeenkomsten, maar telkens als de omstandigheden aan Peninna een gelegenheid boden zich te verheffen ten koste van haar rivale. Het gedrag van deze vrouw scheen voor Hanna een bijna ondragelijke beproeving. Satan gebruikte haar als zijn werktuig om een van Gods kinderen te kwellen, haar zo mogelijk te verbitteren en te vernietigen.