De kostbare vrucht van heiligmaking is zachtmoedigheid. Wanneer deze eigenschap onze ziel beheerst, wordt het leven door haar invloed gevormd. Er is een voortdurend wachten op de Heer en een onderwerping aan Zijn wil. Het verstand legt beslag op elke goddelijke waarheid, en de wil buigt zich voor elk goddelijk gebod, zonder te twijfelen of te murmureren. Ware zachtmoedigheid verzacht en vertedert het hart en maakt de geest bekwaam het geschreven woord te begrijpen. Het brengt de gedachten tot gehoorzaamheid aan Jezus Christus. Het opent het hart voor het woord van God, zoals het hart van Lydia werd geopend. Het brengt ons met Maria als leerlingen aan de voeten van Jezus.

“Ootmoedigen doet Hij wandelen in het recht, en Hij leert ootmoedigen Zijn weg”
Psalm. 25:9

De ootmoedige zal niet pochen. Evenals het kind Samuel bidt hij:

“Spreek Heer, uw knecht hoort.” 1 Sam. 3:9

Toen Jozua als bevelhebber van Israël werd aangewezen, daagde hij alle vijanden van God uit. Zijn hart was gevuld met edele gedachten aangaande zijn verheven zending. Toen de boodschap des hemels tot hem kwam, plaatse hij zich echter in de positie van een klein kind, dat om leiding vraagt.

“Wat zegt mijn Heer tot Zijn knecht?” Jozua 5:14

De eerste woorden van Paulus, nadat Christus hem was geopenbaard, luidden:

“Heer, wat wilt Gij dat ik doen zal?” Hand. 9:6

Zachtmoedigheid in de school van Christus is één van de kenmerkende vruchten van de Geest. Het is een gave die door de Heilige Geest wordt bewerkstelligd, waardoor de bezitter ervan in alle omstandigheden zijn temperament kan beheersen. Wanneer de genade van zachtmoedigheid wordt gekoesterd door hen die van nature nors of opvliegend van aard zijn, zullen zij ernstig pogen deze karaktertrekken te onderwerpen. Elke dag opnieuw zullen ze aan zelfbeheersing winnen tot alles, wat in het oog van Jezus aanvaardbaar is, overwonnen is. Ze worden gelijk aan het goddelijk patroon, tot ze de geïnspireerde raad kunnen opvolgen:

“Wees snel om te horen, traag om te spreken, traag tot toorn.”Jak. 1:19