De Schepper in het vlees gekomen

“En buiten alle twijfel, de verborgenheid der godzaligheid is groot: God is geopenbaard in het vlees, is gerechtvaardigd in de Geest, is gezien van de engelen, is gepredikt onder de heidenen, is geloofd in de wereld, is opgenomen in heerlijkheid.” 1 Timótheüs 3:16

De vleeswording van Christus is ‘de verborgenheid der verborgenheden’. Christus was één met de Vader, en toch … Hij was bereid neder te dalen van de hoogheid van Eén die gelijk was aan God. Om Zijn plan uit liefde voor het gevallen mensdom te kunnen vervullen, werd Hij been van ons gebeente en vlees van ons vlees.

Hoe zeer verschilt de goddelijkheid van Christus met de hulpeloosheid van het Kindje in de kribbe in Bethlehem! Hoe kunnen wij de afstand overspannen tussen de machtige God en een weerloos Kind in de kribbe. En toch, de Schepper van de werelden, in Wie de ‘volheid der Godheid’ lichamelijk was, werd geopenbaard in het hulpeloze Kindje in de kribbe. Veel hoger dan enige engel was Hij de Gelijke van de Vader in waardigheid en heerlijkheid, en toch was Hij bekleed met menselijkheid!

Goddelijkheid en menselijkheid werden op geheimzinnige wijze verenigd, en mens en God werden Eén.

Het moet zeker een ontzaglijke vernedering zijn geweest voor de Zoon van God om de menselijke natuur aan te nemen, zelfs al had Adam nog gestaan in zijn onschuld in de hof van Eden. Maar Jezus aanvaardde de menselijkheid toen de mensheid verzwakt was door 4000 jaar jaren lang zondigen. Evenals ieder kind van Adam aanvaardde Hij de gevolgen van de werking van de grote erfelijkheidswetten. Waaruit deze gevolgen bestonden, wordt ons getoond in de geschiedenis van Zijn aardse voorouders.

Met zo’n erfelijke last kwam Hij op aarde, om met ons deel te hebben aan verdriet en verleidingen en aan ons het voorbeeld te geven van een zondeloos leven.

Degenen die volhouden dat het voor Christus onmogelijk was te zondigen, kunnen niet geloven dat Hij in waarheid de menselijke natuur op Zich nam. Want werd Christus niet werkelijk verzocht, niet alleen door satan in de woestijn, maar Zijn gehele leven door, van zijn kindsheid af tot zijn volwassenheid toe?

Onze Verlosser nam de menselijke natuur aan, met alles wat daaraan verbonden was. Hij nam de natuur van de mens aan, met de mogelijkheid om te bezwijken voor verleiding. Wij hebben niets te dragen, wat Hij niet ook doorstaan heeft.

Wij hebben niets te dragen, wat Hij niet ook doorstaan heeft.