De gave van God aan u

“En Petrus antwoordde hun: Bekeert u en een ieder van u late zich dopen op de naam van Jezus Christus, tot vergeving van uw zonden, en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen.” Handelingen 2:38

Christus heeft de gave van de Heilige Geest aan Zijn gemeente beloofd, en deze belofte geldt evenzeer voor ons als voor de discipelen. Wij moeten even ernstig bidden om de uitstorting van de Heilige Geest, als de discipelen deden met de Pinksterdag. Als zij deze uitstorting nodig hadden in die tijd, hebben wij deze nu des te meer nodig.

De mate waarin de Heilige Geest ons geschonken wordt, zal zijn naar gelang ons verlangen, en het geloof dat wij daartoe beoefend hebben, als ook de wijze waarop wij het licht en de kennis, die ons gegeven worden, zullen gebruiken.

Er zijn er velen die geloven en belijden recht te hebben op Gods belofte. Zij spreken over Christus en over de Heilige Geest, maar zij ontvangen die gunst of genade niet. Zij geven de ziel niet over zodat zij mogen worden geleid en bestuurd door de goddelijke leiding.

Wij kunnen de Heilige Geest niet gebruiken. De Heilige Geest is er om óns te gebruiken.

God werkt in Zijn volk door Zijn Heilige Geest “het willen en het werken naar Zijn welhagen” (Filippenzen 2:13). Maar velen willen zich hieraan niet onderwerpen. Zij willen alles zelf regelen. Daarom ontvangen zij de hemelse gave niet. Alleen aan degenen die nederig en ootmoedig op God wachten en uitzien naar Zijn leiding en genade, wordt de Geest gegeven.

God wacht op hun verzoek en op hun geschiktheid Deze te ontvangen. Deze beloofde zegen, die in het geloof wordt afgesmeekt, brengt alle andere zegeningen met zich mee. De zegen wordt gegeven naar de mate van rijkdom van genade van Christus, en Hij is bereid iedere ziel ervan te schenken naar gelang hij ontvangen kan.

Als de Heilige Geest in het hart woont, zal Hij de mens zo leiden, dat hij zijn eigen karaktergebreken ziet. Bovendien zal Hij hem leren mee te voelen met de zwakheden van anderen en te vergeven zoals hij zelf verlangt dat zijn zonden worden vergeven. Zo zal hij medelijdend worden, hoffelijk, zijn zoals Christus.

De Heilige Geest deelt liefde mee, blijdschap, vrede, sterkte en troost; Zijn gave is als een waterbron, opspringend tot in het eeuwige leven. De zegen is een vrije gave voor iedereen.