Michaël de Grote Vorst zal opstaan!

Jezus heeft ons laten weten dat elk Woord, dat uit de mond van God komt, leven geeft. (Mattheüs 4:4) Daar kunnen we uit opmaken dat elk Woord uit de Schrift belangrijk is en daarom niet verandert dient te worden. Dat Gods Woord ons veel kan openbaren door één enkel woord te bestuderen, zullen we zien als we het woordje ‘opstaan’ bekijken!

De sleutel van de betekenis van deze uitdrukking vinden wij onder andere in de verzen 2 en 3 van Daniël 11. We zullen hiervoor wel de Statenvertaling moeten gebruiken, omdat in veel andere vertalingen deze sleutel ‘verwijderd’ is…

En nu, ik zal u de waarheid te kennen geven; ziet, er zullen nog drie koningen in Perzië staan, …

Daarna zal er een geweldig koning opstaan, die met grote heerschappij heersen zal, en hij zal doen naar zijn welgevallen.

Dus het woord opstaan wordt gebruikt als een koning de heerschappij op zich neemt en gaat heersen over zijn koninkrijk!

Dit betekend dus dat als Michaël, de Grote Vorst, zal opstaan, dat het moment is waarop Jezus het Koningschap aanvaardt en gaat heersen over Zijn Koninkrijk “dat voor eeuwig niet te gronden zal gaan en waarvan de heerschappij niet op een ander volk zal overgaan” (Daniël 2:44)

Het Koninkrijk der Hemelen gaat dan werkelijkheid worden. Jezus Christus gaat regeren voor eeuwig en altijd en tot in alle eeuwigheid! Jezus dienstwerk in het hemels Heiligdom als Hogepriester komt ten einde en zal Hij spoedig wederkomen als “Koning der koningen en Heere der heren”. (Openbaring 19:16)

Omdat het verzoeningswerk van Jezus dan beëindigd wordt, zal er geen genade meer zijn voor de zonden die vanaf dat moment nog gedaan worden op aarde!

Dan gaat ook het Schriftwoord in vervulling dat we vinden in Openbaring 22:11

Wie onrecht doet, laat hij nog meer onrecht doen. En wie vuil is, laat hij nog vuiler worden. En wie rechtvaardig is, laat hij nog meer gerechtvaardigd worden. En wie heilig is, laat hij nog meer geheiligd worden.

Ieders werk zal dan beproeft zijn en ieders lot zal dan bepaald zijn. Er is geen bekering meer mogelijk, maar hij die staat in het Koninkrijk der Hemelen, zal ook niet meer vallen. Ieder zal verzegeld zijn; Of met het Zegel van God, of met het merkteken van het beest…

Michaël zal dus opstaan, wat óók betekend dat er een oordeel geveld gaat worden.

U, ontzagwekkend bent U!
Wie zal voor Uw aangezicht bestaan, zodra Uw toorn ontvlamt?
U liet een oordeel uit de hemel horen;
de aarde vreesde en werd stil,
toen U, o God, opstond ten oordeel,
om alle zachtmoedigen van de aarde te verlossen.

(Psalmen 76:8-10)

God gaat Zijn oordelen over de wereld uitstorten en daarom zal dit een benauwde tijd zijn. Deze oordelen of plagen zijn opgetekend in Openbaring 16 en zullen vlak vóór de wederkomst van Jezus plaatsvinden! Deze tijd van benauwdheid moeten we niet verwarren met de grote verdrukking uit Mattheüs 24:21-22. Deze grote verdrukking had zijn vervulling in de lange periode van vervolgingen van de christenen door het pauselijk-Rome van 538 na Chr. tot 1798 na Chr. Deze dagen moesten ingekort worden, omdat er anders geen vlees (ware gelovige) behouden zou zijn. We zien dat er nog tijd is na deze verdrukking door de woorden; “en zoals er ook nooit meer zou zijn“.

De benauwde tijd uit Daniël 12 is echter van een gehele andere orde en we zien dat de gelovigen deze keer zullen ontkomen!

In die tijd zal uw volk ontkomen:
ieder die gevonden wordt, opgeschreven in het boek.

Dit boek is natuurlijk Het Boek des Levens van het Lam. (Openbaring 3:5,   20:12,15,   21:27) Het Boek des Levens bevat in beginsel alle namen van allen die ooit geboren zijn en op deze aarde gewandeld hebben. Helaas zal aan het einde der tijden, als het oordeel over iedere ziel uitgesproken is, blijken dat vele namen uitgewist zullen zijn… Deze hebben Jezus Christus niet aangenomen als Lam van God en hun karakters niet laten heiligen uit liefde voor God.

We beëindigen deze keer met vers 3 en 4 uit Daniël 12 die geen verdere uitleg behoeven…

De verstandigen zullen blinken als de glans van het hemelgewelf,
en zij die er velen rechtvaardigen, als de sterren,
voor eeuwig en altijd.
Maar u, Daniël, houd deze woorden geheim en verzegel dit boek tot de tijd van het einde. Velen zullen het onderzoeken en de kennis zal toenemen.