Paulus’ overwinningskreet

De apostel Paulus werd hoog geëerd door God, toen hij in een visioen werd opgenomen in de derde hemel, waar hij beelden zag die hij niet mocht openbaren. Toch maakte dit hem niet trots of zelfverzekerd. Hij was zich bewust van de belangrijkheid van voortdurend waken en verloochenen van het eigen ik, en zegt onomwonden:

“Ik bedwing mijn lichaam, en houd het in bedwang, om niet, na anderen gepredikt te hebben, wellicht zelf afgewezen te worden.” 1 Korinthe 9:27

Paulus leed ter willen van de waarheid en toch horen we hem niet klagen. Als hij terugkijkt op zijn leven van zorg, strijd en opoffering, zegt hij:

 

“Ik ben er zeker van, dat het lijden van de tegenwoordige tijd niet opweegt tegen de heerlijkheid, die over ons geopenbaard zal worden.” Romeinen 8:18

De overwinningskreet van Gods getrouwe dienstknecht wordt nog tot in onze dagen gehoord:

 

“Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus? Verdrukking, of benauwdheid, of vervolging, of honger, of naaktheid, of gevaar, of zwaard? Zoals geschreven staat: Want omwille van U worden wij de hele dag gedood, wij worden beschouwd als slachtschapen. Maar in dit alles zijn wij meer dan overwinnaars door Hem Die ons heeft liefgehad.
Want ik ben ervan overtuigd dat noch dood, noch leven, noch engelen, noch overheden, noch krachten, noch tegenwoordige, noch toekomstige dingen,  noch hoogte, noch diepte, noch enig ander schepsel ons zal kunnen scheiden van de liefde van God in Christus Jezus, onze Heere.” Romeinen 8:35-39

Hoewel Paulus uiteindelijk werd opgesloten in een Romeinse gevangenis – verstoken van zonlicht en frisse lucht, afgesneden van zijn arbeid in het evangelie, verwachtende spoedig ter dood veroordeeld te zullen worden – toch gaf hij niet toe aan wanhoop of twijfel. Uit deze sombere kerker kwam de getuigenis van zijn sterven, vol geloof en moed, dat de harten van heiligen en martelaars in latere eeuwen inspireerde. Zijn woorden geven zeer juist de resultaten weer van de heiligmaking, die we in deze bladzijden hebben getracht duidelijk te maken:

“Ik word immers reeds als een plengoffer uitgegoten en het tijdstip van mijn heengaan is aanstaande. Ik heb de goede strijd gestreden. Ik heb de loop tot een einde gebracht. Ik heb het geloof behouden. Verder is voor mij weggelegd de krans van de rechtvaardigheid die de Heere, de rechtvaardige Rechter, mij op die dag geven zal. En niet alleen mij, maar ook allen die Zijn verschijning hebben liefgehad.” 2 Timotheüs 4:6-8