De apostel bracht zijn jeugdjaren door onder eenvoudige vissers in Galilea. Hij had geen schoolopleiding. Door zijn omgang met Christus, de grote Leraar, kreeg hij evenwel de hoogste opleiding die een sterfelijk mens kan ontvangen. Hij dronk begerig van de bron van wijsheid en trachtte daarna anderen te leiden tot die

“fontein van water, springende tot in eeuwigheid” Johannes 4:14

De eenvoud van zijn woorden, de geweldige kracht van de waarheden die hij sprak, en het geestelijke vuur dat zijn leer kenmerkte, verschaften hem toegang tot alle klassen. Toch waren zelfs gelovigen niet in staat ten volle de geheiligde verborgenheden van de goddelijke waarheid, die in zijn gesprekken naar voren kwamen, volledig te verstaan. Hij scheen voortdurend door de Heilige Geest bezield te zijn. Hij probeerde de gedachten van mensen te verheffen door ze inzicht te geven in de onzichtbare dingen. De wijsheid waarmee hij sprak, maakte dat zijn woorden waren als dauw, welke de ziel verzacht en tot bedaren brengt.

Na de hemelvaart van Christus treedt Johannes naar voren als een getrouw en vurig arbeider voor de Meester. Met anderen had hij deel aan de uitstorting van de Geest op de dag van het Pinksterfeest. Met hernieuwde ijver en kracht ging hij voort de woorden des levens tot de mensen te spreken. Men bedreigde hem met gevangenisstraf en dood, maar hij liet zich geen vrees aanjagen.