“Toch blijft het vaste fundament van God staan, met dit zegel: De Heere kent wie van Hem zijn, en: Ieder die de Naam van Christus noemt, moet zich ver houden van de ongerechtigheid.”

2 TimotheĆ¼s 2:19

Zelfverloochening, zelfopoffering, welwillendheid, vriendelijkheid, liefde, geduld, kracht en christelijk vertrouwen zijn de dagelijkse vruchten van hen die werkelijk met God verbonden zijn. Hun daden worden misschien niet in de wereld rondgebazuind, maar zij worstelen zelf dagelijks met het kwaad, en behalen kostbare overwinningen over hun verzoekingen en fouten. Kostbare geloften worden vernieuwd en gehouden door de kracht die gemobiliseerd wordt via ernstig gebed en voortdurende waakzaamheid op dit punt.

De worstelingen van deze stille arbeiders wordt niet gekenmerkt door vurig enthousiasme. Maar het oog van Hem die de geheimen van ons hart kent merkt elke nederige en zachtmoedige inspanning op en beziet ze met goedkeuring. Die proeftijd is nodig om het zuivere goud van liefde en geloof in ons karakter naar boven te halen. Als er beproeving en verwarring over de gemeente komen, dan ontwikkelen die standvastige ijver en warme banden bij de ware volgelingen van Christus.

De nederigen van hart, die dagelijks ervoeren hoe belangrijk het is je ziel op de eeuwige Rots te blijven richten, die zullen onbewogen staande blijven temidden van stormen en beproeving, want zij vertrouwen niet op zichzelf.

Een gezond mens, die zijn levenstaak aankan en die dag in dag uit levendig van geest en met een gezonde bloedsomloop aan het werk gaat, die trekt niet de aandacht van iedereen die hij ontmoet voor zijn gezonde lichaam. Gezondheid en kracht vormen de natuurlijke omstandigheden in zijn leven, en daarom is hij zich nauwelijks bewust dat hij zo’n rijke zegen geniet.

Zo is het ook voor de mens die waarlijk rechtvaardig is. Die is zich niet bewust van zijn goedheid en vroomheid. Godsdienstige beginselen zijn de bron van zijn leven en gedrag geworden, en daarom is het voor hem net zo natuurlijk om de vruchten van de Geest voort te brengen, als het is voor de vijgenboom om vijgen voort te brengen en voor de rozenstruik om rozen te dragen. Zijn natuur is zo door en door bezield van liefde tot God en zijn medemensen, dat hij met een gewillig hart de werken van Christus doet.

Iedereen die in zijn omgeving komt ontdekt de schoonheid en glans van zijn leven als christen, terwijl hij er zelf geen weet van heeft, want dat leven is in harmonie met zijn gewoontes en neigingen. Hij bidt om Goddelijk licht, en wandelt graag in dat licht. Het is voor hem eten en drinken om de wil van zijn hemelse Vader te doen.