“Welzalig is de mens die wijsheid vindt, de mens die inzicht verkrijgt, want haar opbrengst is beter dan de opbrengst van zilver en haar inkomen beter dan bewerkt goud.” Spreuken 3:13,14

De betekenis van blijvende wijsheid

Ware wijsheid is een schat, die blijvend is als de eeuwigheid. Velen van de zogenaamde wijze mannen in de wereld zijn alleen maar in hun eigen ogen wijs. Zij zijn tevreden met het verkrijgen van wereldse wijsheid en gaan nooit Gods hof binnen om bekend te worden met de schatten van kennis die in Zijn heilig Woord te vinden zijn. Terwijl ze menen dat ze wijs zijn, verkeren ze in onkunde wat betreft de wijsheid, die allen, die het eeuwige leven willen gewinnen, moeten bezitten.

Zij koesteren minachting voor het Boek van God, dat hen waarlijk wijs zou maken als ze het bestudeerden en zouden gehoorzamen. De Bijbel is voor hen een ondoordringbaar mysterie. De grote, diepgaande waarheden van het Oude en het Nieuwe Testament zijn duister voor hen omdat geestelijke zaken niet als geestelijk onderscheiden worden. Zij moeten leren dat de vreze des Heren het begin der wijsheid is en dat zonder deze wijsheid hun kennis weinig waarde heeft.

Zij, die ernaar streven opgevoed te worden in de wetenschap zonder de les te hebben geleerd, dat de vreze Gods het begin der wijsheid is, werken hulpeloos en hopeloos, terwijl ze alles in twijfel trekken. Het is mogelijk dat ze onderricht zijn in de wetenschappen, maar als ze geen kennis opdoen van de Bijbel en van God, missen ze de ware wijsheid.

De ongeletterde mens heeft, als hij God en Jezus kent, een blijvender wijsheid dan de grootste geleerde, die het onderricht van God veracht.

‘De vreze des Heren is het begin der wijsheid’